Hoog van de toren blazen

Hoog van de toren blazen, uit de hoogte doen, het hoog in de bol hebben, zichzelf op een voetstuk zetten, op anderen neerkijken, of iemand klein krijgen. Mensen kunnen met kop en schouders boven anderen uitsteken, machthebbers zitten soms op een troon, sportwinnaars komen – letterlijk en figuurlijk – op een voetstuk te staan. Er is een boven- en onderklasse, en topposities staan hoog in aanzien. Ik schreef er al eerder over.

Volume heeft met macht te maken, tenminste voor mannen. Mannen maken zich groter, door zich op te blazen en breeduit te gaan zitten of staan. Volgens onderzoek verhoog je met een dergelijke power pose je testosteronspiegel.

Ruimte innemen levert een betere positie op. Uit een onderzoek onder de Amerikaanse top-500 bedrijven blijkt dat de algemeen directeur gemiddeld 1.83 meter lang is, terwijl de gemiddelde Amerikaanse man acht centimeter minder meet. Van de Amerikaanse mannen is nog geen 4% langer dan 1.88, maar onder de topdirecteuren is dat 30%. Voor elke 2,5 cm. extra lichaamslengte verdienen mannen jaarlijks zo’n 800 dollar meer.

Lengte levert succes op, tegen lange mannen wordt opgekeken en ze krijgen daardoor meer zelfvertrouwen. Dit begint al bij jonge kinderen, ook als ze uit hetzelfde gezin komen en zelfs als ze een tweeling zijn.

Recent Canadees onderzoek naar selfies op Tinder laat zien dat mannen de neiging hebben om zich van onderaf te fotograferen, zodat ze in de ogen van de kijker langer lijken. De ander kan tegen hen opzien. Vrouwen fotograferen zichzelf vaker van bovenaf.

Sommige mannen gaan ook graag breeduit zitten. Zo kon ik tijdens een langeafstandsrit met de bus in Mexico, alleen maar ruimte maken door stevig terug te duwen bij de man die anderhalve zitplaats nam. Verschillende bus- en metrolijnen – in Japan, Spanje en de VS – voeren campagnes om dit gedrag te veranderen. Toen de Volkskrant hierover schreef, kwam er een terechte klacht over vrouwen die met hun tassen een extra zitplaats claimen.

Ook geestelijk nemen mensen ruimte in door zichzelf te overschatten. Als je aan mensen vraagt hoe goed ze autorijden of hoe slim ze zijn, dan denkt zeventig tot tachtig procent bovengemiddeld te zijn. Dertig procent denkt tot de top-tien te horen. Vooral mannen zijn zo zelfverzekerd, zeker als het gaat om eigenschappen die als mannelijk worden gezien. Een bekend fenomeen is ook mansplaining; een man die een vrouw omstandig uitlegt wat zij misschien wel beter weet dan hij.

Lengte en breedte maken de man. Maar dit geldt niet voor vrouwen. Voor vrouwen is gewicht belangrijker dan lengte. Waar mannen in topposities best stevig mogen zijn en een man van gemiddeld gewicht het beter doet dan een slanke man, moeten vrouwen slank zijn. Slanke vrouwen verdienen meer dan vrouwen van normaal gewicht en veel meer dan stevige vrouwen.

Dit zijn Westerse culturele normen. Niet in alle culturen ben je als lange man in het voordeel en in verschillende culturen, zowel in Afrika als Latijns Amerika, toont een vrouw haar status juist met een imposant postuur. Zelf werd ik bij zo’n stevige-vrouwen-volk door mannen met rust gelaten nadat ik me ook zo groot en breed mogelijk probeerde te maken. Op andere reismomenten – bij volkeren met andere opvattingen over hoe vrouwen zich horen te gedragen – pakte dit juist verkeerd uit.

Heel bijzonder vind ik hoe vrouwen en mannen hun positie benadrukken. Ik deed onderzoek naar de markthandel in Zuid-Amerika. Overal zag je de Indiaanse vrouwen met hun handelswaar op de grond zitten, terwijl de mannen rondliepen, aan tafels zaten of in kramen stonden. Zij zaten nooit op de grond.

Alleen in Juchitán was dit anders. Behalve dat vrouwen hier de kramen en de economische macht hadden – mannen handelden niet op de markt, tenzij als vrouw -, lieten ze zich als gladiatoren staand vervoeren in open gemotoriseerd voertuigjes. Mannen waren veel minder zichtbaar. En deze vrouwen benadrukten hun positie dus nog eens extra met hun stevige lijven.

In verschillende Afrikaanse dorpen waar ik werkte, zaten vrouwen tijdens vergaderingen op de grond of op krukjes, achter en opzij van de mannen. De mannen eigenden zich steevast de stoelen toe. Waren er vergaderingen met hoger bezoek, dan werden er zelfs bankstellen en sofa’s uit de huizen naar de eerste rij versleept, zodat de heren zo gerieflijk mogelijk konden zitten. Veranderingen in de positie van vrouwen kon je afmeten aan de plek die ze letterlijk innamen. Hoe meer ze naar het midden en naar voren schoven of op stoelen gingen zitten, hoe beter het met ze ging.

Hoe vrouwen ruimte innemen, zegt dus veel over haar positie. In verschillende culturen mogen vrouwen niet zomaar ruimte innemen, wat natuurlijk ook alles zegt. Er gelden allerlei beperkingen. Vrouwen moeten vaak de toestemming van hun man hebben om aan projecten deel te nemen en soms komen die mannen dan controleren. In traditionele moslimculturen hebben vrouwen eigen vertrekken en verstoppen ze zich buiten achter een sluier of een boerka. In China werden de vrouwenvoeten vroeger afgebonden, zodat ze letterlijk niet uit de voeten kon. In Westerse culturen werden vrouwen in korsetten geregen, wat hen de adem benam.

Op allerlei manieren werden en worden vrouwen overal klein gehouden en dat doet iets met je zelfvertrouwen. Ook vergroot het de verschillen tussen vrouwen en mannen: psychologisch, sociaal én misschien ook biologisch. Of je testosteron echt toeneemt door steviger te staan, staat momenteel ter discussie. Wel kan ik uit eigen ervaring melden dat je je in ieder geval steviger voelt én dat het beter is voor je lijf.

Hoog van de toren blazen – Bronnen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *