De bonobo in ons

Al lang ben ik gefascineerd door bonobo’s. Deze mensapen hebben genetisch zeker zoveel met ons gemeen als de chimpansees en toch lijken we ons meer met chimps te identificeren. Misschien omdat we in hen onze mannelijke kant herkennen? Wat als we de bonobo in ons meer laten spreken?

Bij bonobo’s zijn de vrouwen dominant. Eerder schreef ik al dat de vrouwenkracht van de bonobo’s haaks staat op de mannenmacht van de chimps. Ik gebruik het woord kracht als dominantie zonder veel geweld en onderdrukking plaats vindt. De bonobovrouwen treden als groep op tegen lastige mannen. De bonobovrouwen werken samen en dat is des te opmerkelijker als je bedenkt dat de vrouwen niet aan elkaar verwant zijn. Net zoals bij de chimps verlaten jonge vrouwen de groep om elders een partner te vinden. Mannen blijven in de oorspronkelijke groep. Bij andere soorten – inclusief de mens in patrilineaire groepen – vormen mannelijke verwanten dan een hechte groep; bij de bonobo’s is vooral de moeder-zoon binding sterk. Moeders steunen hun zonen bij conflicten met anderen.

Toch is geweld ook de bonobo’s niet vreemd. Dierentuinen hadden de gewoonte om jonge bonobomannen onderling te ruilen om incest te voorkomen. Dat is tegen de bonobocultuur, waar het – net zoals bij de chimps – dus de jonge vrouwen zijn die wegtrekken. Deze jonge mannen kregen het dan ook niet gemakkelijk in hun nieuwe groep en moesten zich vooral tegen de vrouwen verweren. Toch liepen deze conflicten nooit echt uit de hand, want liever dan geweld kiezen de bonobo’s voor seks. Seks op allerlei mogelijke manieren en met alle mogelijke partners.

Conflicten worden vaak opgelost met seks: make love, no war. Maar het is een vrolijke vorm van seks, bijna terloops. Er wordt ook gesekst ter begroeting of als een voorspel voor een heerlijke maaltijd.

Uit onderzoek blijkt dat bonobo’s bij het bekijken van foto’s zich minder dan chimps en mensen focussen op agressie en ellende, maar meer op plezier, zoals seks en vlooien. Het is dan ook niet verwonderlijk dat bonobo’s meer oxytocine en vasopressine (de zgn. knuffelhormonen) hebben dan chimps en minder testosteron: chimpanseemannen hebben vier keer zoveel testosteron als de bonobomannen. Bonobo’s zijn bij uitstek dieren die op zoek zijn naar intimiteit.

Er bestaat interessant onderzoek over hun omgang met vreemdelingen. Zoals gezegd zijn bonobo’s niet erg aardig tegen de vreemde jonge mannen die ze door mensen opgedrongen kregen. Dierentuinen hebben hun beleid dan ook veranderd; jonge vrouwen worden nu geruild. Maar als dierentuinen besluiten om twee vreemde groepen samen te voegen, dan lukt dat zonder veel problemen. Bij chimps leidt dit tot felle gevechten om de macht, maar bij bonobo’s geeft dit al snel aanleiding tot een groots seksfeest. Als bonobo’s in de vrije natuur op vreemdelingen stuiten gaat het er niet anders aan toe. Soms is er wel even een confrontatie, maar al gauw nemen de vrouwen het initiatief tot seks en eindigt de ontmoeting in een seksfestijn, waaraan iedereen meedoet. Dit staat haaks op de chimpscultuur, daar gaat een groep mannen geregeld op patrouille om de grenzen te verkennen. Als ze daarbij op een of meer vreemdelingen stuiten dan worden die genadeloos afgestraft, soms met een dodelijke afloop.

Maar bonobo’s gaan nog verder in hun openheid naar vreemdelingen. In een experiment kregen bonobo’s hun lievelingseten voorgeschoteld. Ze hadden daarbij drie keuzemogelijkheden: het eten alleen opeten, het eten delen met een groepsgenoot (A) of dit delen met een vreemde (B). De proefpersoon zat in een hok, met aan de ene kant zijn of haar groepsgenoot en aan de andere kant een onbekende aap, beiden in aparte hokken.

A (groepsgenoot) |<  proefpersoon   > | B (vreemde)

Alleen de proefpersoon kon de andere hokken openmaken en zo A of B uitnodigen voor zijn maaltijd. Opmerkelijk is dat bijna alle apen het liefst met de vreemde aap samen aten. Bijna alle proefpersonen openden het hok van B. Nog opmerkelijker is dat die vreemde aap B – die nu bij de proefpersoon in zijn hok zat – dan vaak het hok opende van aap A. A en B waren ook vreemden voor elkaar.

Liever dan die lekkere berg eten alleen te verorberen, zitten bonobo’s dus met een vreemde aan de dis. Kennelijk is het maken van nieuwe vrienden voor hen belangrijker. Chimps zouden er niet over peinzen om te delen en de meeste mensen zouden de voorkeur geven aan een vriend boven een vreemde.

Overvloed aan eten is een van de verklaringen voor de openheid en tolerantie van de bonobo’s. Mocht dat kloppen, dan gaat dat in zijn algemeenheid niet op voor mensen. Het zijn vaak de rijkste landen die het meest huiverig zijn voor vreemdelingen. Vluchtelingen worden voor de overgrote meerderheid in arme buurlanden opgevangen. Libanon, qua oppervlakte nog geen kwart van Nederland, herbergt meer Syrische vluchtelingen dan de hele Europese Unie bij elkaar. Een kwart van de zes miljoen inwoners van Libanon is vluchteling.

Misschien moeten we de bonobo in ons, onze vrouwelijke kant, meer laten spreken.

De bonobo in ons – Bronnen

2 gedachten over “De bonobo in ons”

  1. lieve Annette,
    wat een mooie conclusie voor ons mensen!
    en je hebt gisteren vast genoten van ‘Zomergasten’.
    liefs, Clementine

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *